
Een vechtscheiding en ouderverstoting worden vaak in een adem genoemd. Ten onrechte! Nog steeds denken hele volksstammen, inclusief professionals, dat een kind een ouder afwijst als gevolg van de ‘vechtscheiding’ van hun ouders. Het is de schuld van die twee onverantwoordelijke ex-partners die geen oog meer hebben voor het belang van hun kinderen en de strijd – vaak jarenlang – over hun hoofden uitvechten. Maar als er sprake is van ouderverstoting, dan zit het heel anders in elkaar.
Het aantal scheidingen dat ontspoort lijkt eerder toe- dan af te nemen. Onderzoek laat zien dat de invoering van het ouderschapsplan en het groeiende co-ouderschap tot meer en heftiger conflicten leidt. In veel van deze complexe scheidingen verliest een van de ouders het contact met de kinderen, omdat de ex-partner eenzijdig de zorg- of omgangsregeling niet nakomt. De hulpverlening bestempelt de situatie al gauw als ‘vechtscheiding’ zonder te onderzoeken wat er werkelijk speelt binnen dit gezin. Ze zeggen dan bijvoorbeeld:
“Deze ouders zijn verwikkeld in een vechtscheiding: ze demoniseren elkaar en de kinderen zijn daar de dupe van.”
Dat ‘vecht-frame’ doet onbewust iets met onze gedachten en interpretaties. Professionals focussen op wat ze aan het oppervlak denken te zien, waardoor de onderliggende machts- en geweldsdynamiek wordt gemist. Wat van de buitenkant lijkt op een strijd tussen ex-partners, zijn de verwoede pogingen van de verstoten ouder om manieren te vinden om zijn of haar kind te helpen en aandacht te krijgen voor de onveilige opvoedsituatie bij de andere ouder.
Lees verder