En waarom dat meestal niet gebeurt.
Een scène: Volgens de vrouw heeft haar ex-man nooit een band opgebouwd met hun dochter. Hij was altijd weg en vond zijn vrienden belangrijker dan zijn kind. Het meisje (10), dat sinds de scheiding bij haar moeder woont, zegt dat ze haar vader niet wil zien. Dat heeft ze ook in een brief aan de rechter geschreven.
Eveneens beweert de vrouw dat haar ex-man zijn dochter meerdere keren heeft laten zitten terwijl ze bij hem zou zijn. Daarnaast zou hij zijn dochter lastigvallen met berichtjes via WhatsApp en e-mail. De man verklaart het tegenovergestelde: zijn ex-vrouw zou er juist alles aan doen om hun dochter bij hem weg te houden en vertelt haar negatieve en onware verhalen over haar vader. Ondanks dat er geen reden is waarom de man zijn dochter niet zou kunnen zien, beslist de rechter dat de omgangsregeling voorlopig wordt stopgezet.
Nog een scène: Marcel ziet zijn drie zoons al jaren niet. Zijn ex-vrouw slaagde erin om hem op basis van het ‘klemcriterium’ uit de ouderlijke macht te laten zetten. ‘Daarmee werd de deur wagenwijd open gezet om mij volledig van mijn kinderen te vervreemden,’ zegt Marcel. Het Hof – die de uitspraak bekrachtigde – liet hem expliciet weten dat ze dit niet deden omdat hij een slechte vader zou zijn. ‘Dat bent u pertinent niet,’ benadrukte een van de raadsheren. Waarom die beslissing dan toch werd genomen en zijn ex-vrouw vrij spel kreeg, blijft Marcel een raadsel.
De ouder die na een scheiding zijn of haar kinderen niet meer ziet omdat de ex-partner de afspraken niet nakomt, wordt – net als in de voorbeelden hierboven – door de rechter nogal eens gedwongen ‘een stapje terug te doen’. Ondanks dat de wetenschappelijke onderbouwing daarvoor ontbreekt, zijn professionals kennelijk in de veronderstelling dat deze ‘rust’ de betrokkenen goed zal doen.
Het tegendeel is waar. De praktijk laat zien dat het zogenaamd tijdelijk stopzetten van de omgang in situaties waar – vermoedelijk – sprake is van ouderverstoting, meestal definitief is. De beïnvloeding van het kind om de andere ouder af te wijzen gaat in de beslotenheid van het gezin van de controlerende ouder gewoon door.
Het vertekende beeld dat de andere ouder slecht is en niet van het kind houdt, krijgt daardoor de gelegenheid zich nog steviger te verankeren in het brein van het kind. De verkapte boodschap is dat deze ouder niet langer een belangrijke gezagsfiguur is of iemand met wie het kind een speciale band heeft. De emotionele afstand tot de ‘slechte’ ouder wordt groter en groter.
De controlerende ouder daarentegen weet zichzelf te presenteren als de meest liefdevolle, beschermende en betrokken ouder die een kind zich maar kan wensen. Het kind raakt ervan overtuigd dat het zonder deze ouder reddeloos verloren is en zal alles doen om het de ‘favoriete’ ouder naar de zin te maken. Het stelt de (emotionele) belangen van deze ouder voorop, waardoor het kind zelf onvoldoende toekomt aan de eigen ontwikkeling.
Dit zwart-witdenken of psychologische splitsing (in een al goede en een al slechte ouder) is een overlevingsstrategie van kinderen die te maken hebben met ouderverstotingsproblematiek. Het kind is zich daar niet van bewust en denkt dat het helemaal zelf tot de conclusie is gekomen dat zijn ene ouder perfect is en de andere niet. Het afwijzen van die ‘slechte’ ouder is in de ogen van het kind dan ook volstrekt gerechtvaardigd. Dat verklaart meteen het totale gebrek aan schuldgevoel wanneer vervreemde kinderen zich minachtend uitlaten over die ouder en niets positiefs over hem of haar kunnen vertellen.
Verstoten ouders krijgen nogal eens te horen dat de kinderen vanzelf wel komen als ze oud genoeg zijn om te begrijpen wat er is gebeurd. Dat wordt gezegd in de veronderstelling dat kinderen naarmate ze ouder worden leren zelfstandig te denken en eigen keuzes te maken. Maar dat gaat niet op voor vervreemde kinderen. Hun vermogen om kritisch te denken is als gevolg van de manipulaties en emotionele mishandeling door de controlerende ouder, zo goed als uitgeschakeld.
Wanneer de verstoten ouder de omgang volledig wordt ontzegd en soms ook het gezag is ontnomen, bevestigen professionals de psychologische splitsing bij het kind. Het is verleidelijk om te denken dat het kind nu bevrijd is uit de schadelijke ‘strijd’ tussen de ex-partners en te hopen dat het later wel weer goed komt. Maar dat gebeurt meestal niet. Wat wel gebeurt is dat deze kinderen veroordeeld zijn om op te groeien in een giftige en destructieve omgeving. Zij zullen daar op korte en langere termijn ernstige (psychische) schade van ondervinden en deze problematiek als volwassene onbedoeld doorgeven aan de volgende generatie.
In mijn boek EMOTIONEEL GEVANGEN ga ik in op de oorzaak van ouderverstoting en waarom de signalen vaak niet worden herkend of verkeerd geïnterpreteerd. Het boek komt uit in oktober. Klik hier als je op de hoogte wilt blijven van de voortgang.
Scheidingen krijgen een dramatische wending als blijkt dat de ex-partner het contact met de kinderen frustreert. De vaders en moeders die dit treft, raken verstrikt in eindeloze hulpverleningstrajecten, terwijl de kinderen steeds verder van hen verwijderd raken. Achterflap verder lezen >>>
‘Dit boek wordt een eyeopener voor professionals, van jeugdzorg tot rechter en is verplichte kost voor alle ouders in een complexe scheiding.’ – Maria Genova, journalist en schrijver
Het boek kost € 29,05 (inclusief verzending).
Een vechtscheiding en ouderverstoting worden vaak in een adem genoemd. Ten onrechte! Nog steeds denken hele volksstammen, inclusief professionals, dat een kind een ouder afwijst als gevolg van de ‘vechtscheiding’ van hun ouders. Het is de schuld van die twee onverantwoordelijke ex-partners die geen oog meer hebben voor het belang van hun kinderen en de strijd – vaak jarenlang – over hun hoofden uitvechten. Maar als er sprake is van ouderverstoting, dan zit het heel anders in elkaar.
Het aantal scheidingen dat ontspoort lijkt eerder toe- dan af te nemen. Onderzoek laat zien dat de invoering van het ouderschapsplan en het groeiende co-ouderschap tot meer en heftiger conflicten leidt. In veel van deze complexe scheidingen verliest een van de ouders het contact met de kinderen, omdat de ex-partner eenzijdig de zorg- of omgangsregeling niet nakomt. De hulpverlening bestempelt de situatie al gauw als ‘vechtscheiding’ zonder te onderzoeken wat er werkelijk speelt binnen dit gezin. Ze zeggen dan bijvoorbeeld:
“Deze ouders zijn verwikkeld in een vechtscheiding: ze demoniseren elkaar en de kinderen zijn daar de dupe van.”
Dat ‘vecht-frame’ doet onbewust iets met onze gedachten en interpretaties. Professionals focussen op wat ze aan het oppervlak denken te zien, waardoor de onderliggende machts- en geweldsdynamiek wordt gemist. Wat van de buitenkant lijkt op een strijd tussen ex-partners, zijn de verwoede pogingen van de verstoten ouder om manieren te vinden om zijn of haar kind te helpen en aandacht te krijgen voor de onveilige opvoedsituatie bij de andere ouder.
De ouder die de omgang met steeds nieuwe smoesjes, leugens of beschuldigingen over de ex-partner tegenwerkt, kampt dikwijls met psychische problemen of een persoonlijkheidsstoornis. Betrokken professionals onderkennen dit onvoldoende en missen daarnaast de deskundigheid én de tools om deze volwassenenproblematiek aan te pakken.
Vaak wordt als ‘oplossing’ voor de zogenaamde strijd tussen de ouders, het contact tussen het kind en de verstoten ouder – op advies van de jeugdbeschermer – door de rechter tijdelijk stopgezet. De gedachte is dat dit beter zou zijn voor het kind, terwijl dat opgroeit in een ongezonde omgeving bij een giftige ouder. Daarnaast leert de ervaring dat de breuk tussen kind en (de verstoten) ouder meestal definitief is, de hulpverlening faalt en de hereniging komt niet meer tot stand.
Het begrip ‘complexe scheiding’ nodigt – in tegenstelling tot de term vechtscheiding – veel meer uit om een situatie vanuit verschillende invalshoeken en in hun onderlinge samenhang te onderzoeken. Het gaat daarbij niet om winnen, maar om vast te stellen wat het kind en de ouder(s) in een onveilige (gezins)situatie nodig hebben.
In mijn boek EMOTIONEEL GEVANGEN dat in oktober uitkomt, ga ik dieper in op aspecten aan de hand waarvan een complexe scheiding kan worden geanalyseerd en (machts)verhoudingen en (gewelds)patronen tussen gezinsleden, waaronder psychische (kinder)mishandeling, zichtbaar worden.
Wil je op de hoogte blijven van de voortgang van het boek, meld je dan hier aan.
De ouder die na een scheiding categorisch de omgang dwarsboomt, is niet zomaar een wraakzuchtige ex. Meestal zit het dieper en is er sprake van een psychische problematiek. Deze ouder kan niet omgaan met de pijnlijke emoties die horen bij het beëindigen van een relatie. Om het gekwetste ego te compenseren en het grandioze zelfbeeld in stand te houden wordt alle schuld voor de relatiebreuk bij de ex-partner gelegd. Die kan plotseling niets meer goed doen, niet als mens en al helemaal niet als ouder. Heel geraffineerd wordt hij of zij uit het leven van de kinderen gewerkt, waarbij valse beschuldigingen niet worden geschuwd.
Zij had vreselijk veel spijt en had er alles voor over om het goed te maken. Hij wilde niet verder met een vrouw die vreemdging en zette een punt achter de relatie. De kinderen bleven bij hem wonen en zagen hun moeder bijna dagelijks. Maar zij wilde de kinderen en achter zijn rug vertelde ze aan vrienden en kennissen het ‘ware’ verhaal achter de scheiding. Ze zou in doodsangst zijn gevlucht uit een beklemmende relatie waarin hij haar kleineerde, domineerde en sloeg. De kinderen moest ze noodgedwongen bij hem achterlaten en ze vreesde voor hun leven.
Dit vertelde ze ook in de buurt, op school, tegen de huisarts, haar psycholoog, andere hulpverleners en de politie. Zij doet meerdere (vale) aangiften tegen de vader van haar kinderen. Eerst van mishandeling, daarna van seksueel misbruik en zelfs van verkrachting. Hij wordt gearresteerd en later gemotiveerd vrijgesproken, maar zijn kinderen zag hij nooit meer.
Jaren later analyseert de Universiteit Maastricht het dossier. De onderzoekers tonen aan dat de aangiften ontegenzeggelijk vals zijn, maar laten tegelijkertijd zien hoe een alledaagse scheiding totaal uit de hand kan lopen als professionals zich niet bewust zijn van ouderverstotingsproblematiek. Hoe gemakkelijk zij zich laten misleiden door de leugens en het gespeelde slachtoffergedrag van de pathogene ouder laten de volgende passages zien:
In een van haar aangiften zegt zij:
‘Op [datum] rond 21.30 uur heeft hij mij het huis letterlijk uit geslagen. De kinderen lagen op bed. Ik heb de beslissing moeten nemen om mijn kinderen achter te laten. Ik kon ze niet meenemen en had zoiets van: ‘Ik wil niet meer terug’ en ‘Ik kan niet meer terug’ en van ‘Ik ga niet meer terug want die man vermoord mij!’
Ze ging echter niet meteen naar de politie, maar wachtte twee weken met het doen van aangifte. Ze ging ook niet naar de dokter of het ziekenhuis om de gevolgen van de mishandeling te laten verzorgen. In plaats daarvan ging ze naar haar moeder en in de tussentijd ging ze haast dagelijks vrijwillig terug naar haar ex-man over wie ze eerder nog had gezegd: ‘Ik kan niet meer terug’ en ‘(…) die man vermoord mij’.
Uit haar aangiften blijkt dat zij vanwege praktische bezwaren besloot om de kinderen bij hem te laten. Haar angst dat hij een potentiële moordenaar was en zij de kinderen achterliet in een – volgens haar – levensbedreigende situatie, speelde blijkbaar geen rol. Ze verklaarde onder andere:
‘Als ik weer een eigen woning heb, wil ik mijn kinderen fatsoenlijk, fulltime, onderdak bieden.’
‘Ik heb dat gedaan omdat ik er op dit moment niet kan zijn voor mijn kinderen en niet de verantwoording voor mijn kinderen kan nemen.’
‘Ik wil het liefst zo snel mogelijk weer mijn kinderen bij mij hebben. Ik weet dat ik zelf capabel genoeg ben om voor hen te zorgen. Het probleem op dit moment is dat ik geen eigen woonruimte heb en in de woning van mijn moeder is geen ruimte voor twee jonge kinderen.’
Haar moeder legde ook een verklaring af bij de politie over de ‘penibele’ situatie van haar dochter en kleinkinderen, ze zegt:
‘Ik vrees nog steeds voor het leven van mijn dochter. Wij zijn erg bezorgd over onze kleinkinderen, maar wij kunnen hen niet in huis nemen. Wij rijden dagenlang rond om te kijken voor een woning voor mijn dochter, zodat de kinderen uit het huis van haar ex-man gehaald kunnen worden.’
Intussen is ook de psycholoog ‘bijgepraat’ en die verklaart in een rapportage aan de politie dat ze zich grote zorgen maakt om de veiligheid van haar cliënte én de kinderen. De psycholoog vreest – op basis van de verhalen van haar cliënte – dat de ex-man een familiedrama zal aanrichten. Kennelijk was de psycholoog er niet van op de hoogte dat haar cliënte dan al maanden bij haar moeder woont en de kinderen zelf bij haar ex heeft achtergelaten.
Zodra de belastende rapportage bij de politie ligt, verbreekt cliënte het contact met de psycholoog. Dit terwijl de behandelingen nog niet waren afgerond. De psycholoog verklaarde daarover:
‘Kort daarna heb ik haar voor het laatst gezien. Mevrouw stond toen met een doos bonbons bij mij op de stoep. Later stuurde ik haar uitnodigingsbrieven en een brief met de vraag of ze het dossier wilde sluiten. Op die brieven heb ik nooit een reactie gekregen.’
Als de psycholoog haar eigen rapport had geloofd, zou haar cliënte ook om het leven kunnen zijn gebracht door haar ex-man. Toch informeerde ze niet bij de politie naar het welzijn van haar cliënte.
Voor de politie was de alarmerende rapportage van de psycholoog dé aanleiding om de ex-man van diens cliënte te arresteren en de kinderen over te dragen aan hun moeder. Dit trouwens pas nadat de politie haar eerst aan een huis had geholpen en vervolgens twee maanden geduldig met de arrestatie wachtte tot zij de nieuwe stek voor haar en de kinderen had ingericht.
Nietsontziend zoekt de pathogene ouder naar medestanders die van nut kunnen zijn bij het verwoesten van de relatie tussen het kind en de andere ouder. Bewust wordt steun gezocht bij autoriteiten zoals (huis)artsen, scholen, professionals in de geestelijke gezondheidszorg, jeugdbeschermers, advocaten en rechters. In de veronderstelling een ouder te helpen hun kind(eren) te beschermen werken zij zonder het te beseffen mee aan kindermishandeling en ex-partnergeweld.
Ouderverstoting is niet het resultaat van het gedrag en de inspanningen van één ouder. Dit verschijnsel kan alleen uitgroeien tot de zwaarste vorm in een omgeving waar het (rechts)systeem faciliteert dat één ouder zich ongestraft de exclusieve zorg en controle over de kinderen kan toe-eigenen.
In mijn boek over ouderverstoting dat binnenkort uitkomt ga ik dieper in op de thema’s in dit blog. Schrijf je in voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van de voortgang van het boek.
De kracht van een valse aangifte, inclusief conclusies van het onderzoek door de Universiteit Maastricht.
Beste Omstanders,
Vandaag 25 april is het Internationale Bewustwordingsdag Ouderverstoting.
Vandaag – zo valt op de NOS nieuwssite te lezen – gaat ook een Campagne tegen huiselijk geweld van start.
Door de coronamaatregelen – waarbij mensen vaker dicht op elkaars lip zitten – neemt de kans op mishandeling toe. Ik heb zo het vermoeden dat velen van jullie met groot gemak de logica van deze campagne inzien.
Je moet misschien net iets verder kijken en net even wat langer nadenken om tot de conclusie te komen dat – ook los van de coronamaatregelen – ouderverstoting een extreme vorm van mishandeling is.
Het kind wordt met zeer verhuld – maar daarom niet minder ernstig – psychisch geweld bestookt. Het loyale kind kan zich nauwelijks verweren, past zich aan en gaat zorg dragen voor de verstotende ouder. De eigen stem is zelfs voor het kind zelf verdwenen of op zijn minst heel diep begraven. Dat hoor en zie je aan alles, als je maar goed kijkt en luistert.
Dus lieve omstanders … ouderverstoting is een gruwelijke vorm van kindermishandeling én ex-partner geweld. Zolang je de verstotende ouder steunt, ben je medeplichtig aan beide vormen van geweld. Dat wil toch niemand?!
Hartelijke groeten,
Ingeborg Steijlen
Het is de angst van veel vaders: na een scheiding je kind niet meer mogen zien. Documentairemaker Elena Lindemans volgt in Verstoten Vaders een jaar lang drie mannen die in deze nachtmerrie verstrikt zijn geraakt. Armand, Deepak en Gerard zijn geen activistische mannen in Batmanpakken, maar vaders die een stille en lange strijd voeren tegen beschuldigingen van hun ex-partners.
Deze documentaire over ouderverstoting werd op 23 maart jl. uitgezonden door BNNVARA op NPO2.
Het niet nakomen van omgangsafspraken na scheiding mag niet lonen, zeggen Kamerleden Vera Bergkamp (D66) en Michiel van Nispen (SP) in hun voorstellen om ouderverstotingsproblematiek aan te pakken. Bij omgangs-problemen moet eerder worden ingegrepen zodat een ouder de kinderen niet ongestraft kan weghouden bij de andere ouder. Die moet dikwijls machteloos toezien dat de ex-partner de kinderen van hem of haar vervreemdt. Hopelijk is dat binnenkort verleden tijd. Want, naar aanleiding van een motie van Kamerlid Lisa Westerveld (GL) is een expertteam aan de slag dat medio 2020 oplossingen zal presenteren om ouderverstoting beter te herkennen en effectief aan te pakken.
Ouders die na een scheiding de kinderen weghouden bij de ex-partner hebben vrij spel. Niemand grijpt in als zij eenzijdig de (gerechtelijke) afspraken over omgang niet nakomen en de kinderen bij zich houden. De verstoten ouder krijgt nergens gehoor. Ook niet bij de hulpverlening. Die bestempelt de situatie al gauw als ‘vechtscheiding’ zonder te onderzoeken wat er werkelijk speelt. Terwijl steeds weer oplaaiende omgangsproblemen meestal een signaal zijn dat er meer aan de hand is.
Het blijft aanmodderen met de instanties die hulp zouden moeten bieden bij omgangsproblemen in complexe scheidingen. Het ontbreekt aan specialistische kennis waardoor signalen van ouderverstotingsproblematiek niet worden herkend. En dat is koren op de molen van de ouder die de omgangsregeling tegenwerkt. Professionals laten zich misleiden door de leugenachtige praatjes van deze ouder en de ogenschijnlijk liefdevolle band met hun kinderen. De ware bedoeling om de ex-partner uit het leven van de kinderen te bannen blijft verborgen achter een masker van vriendelijkheid en bereidwilligheid. Eenmaal uit het zicht lappen zij ongehinderd de regels en afspraken aan hun laars en drijven een steeds grotere wig tussen het kind en de andere ouder.
Zo verliest ruim 15 procent van de scheidingskinderen uiteindelijk het contact met een van de ouders. De (psychische) gevolgen voor zowel het kind als de verstoten ouder zijn ernstig en langdurig.
‘Mijn ex forceert een breuk tussen mij en de kinderen’
Een gescheiden vader schrijft: Ik zie mijn kinderen nog wel, maar iedere week dreigt hun moeder met afzeggen van de omgang. De kinderen worden dagelijks belast met uitspraken waarin mijn ex zich zeer negatief over mij uitlaat. Ze is bezig een breuk tussen mij en de kinderen te forceren. Jeugdzorg en een jeugdhulpaanbieder zijn er waarschijnlijk met de beste bedoelingen aan begonnen, maar de hulpverleners overzien niet wat er echt achter de voordeur gebeurt. Uit onzinnige onderzoeken (waarbij mijn ex bepaalde wie er ondervraagd zouden worden) werden aantoonbare leugens opgeschreven in officiële rapporten. Later werden die geheel of gedeeltelijk herschreven, maar het advies dat op basis van die onwaarheden tot stand was gekomen veranderde niet. Mij werd letterlijk gezegd dat ze niet aan waarheidsvinding doen.
Het verhaal van deze vader staat niet op zichzelf. Vaders en moeders die na een scheiding het contact met hun kinderen verliezen hebben vergelijkbare ervaringen. Al ligt het er duimendik bovenop dat één ouder de boel frustreert, de instanties houden vast aan hun mening dat beide ouders de strijd in stand houden. Zonder te weten wat de oorzaak is van de problemen, worden ouders gedwongen om samen standaard bemiddelings- en hulpverleningstrajecten te doorlopen. Dat die bij ouderverstotingsproblematiek juist averechts werken blijkt wel uit de schrijnende verhalen van verstoten ouders die alleen maar verder verwijderd raken van hun kinderen.
Ex-partners die volkomen allergisch zijn voor elkaar, moeten uit elkaar blijven, zegt Cees van Leuven, rechter (raadsheer bij het gerechtshof in Den Bosch) en voorzitter van het Expertteam Ouderverstoting. In conflictueuze situaties moeten ouders niet met elkaar, maar naast elkaar invulling kunnen geven aan de zorg voor en opvoeding van de kinderen, weet Van Leuven.
De nieuwe scheidingsprocedure die is ingezet door het platform Scheiden zonder Schade is voor een belangrijk deel gericht op preventie. Voorkomen dat scheidingssituaties uit de hand lopen en dat een ouder de kinderen ongestraft bij de andere ouder kan weghouden. Dat betekent volgens Van Leuven dat er al in een zeer vroeg stadium vinger aan de pols moet worden gehouden. Een gedegen diagnose aan het begin van de scheiding moet inzicht geven wat er precies speelt in een gezin en waar mogelijk problemen zouden kunnen ontstaan. Pas daarna kan worden bepaald welke maatregelen voor dat gezin in die specifieke situatie het meest effectief zijn. Een vroegtijdige (evidence-based) screening van het gezin-in-scheiding zou de standaard moeten worden.
Daar is het expertteam van Van Leuven mee aan de slag. Dat zal zich buigen over methoden om de signalen van ouderverstoting goed in kaart te brengen en met concrete oplossingsvoorstellen komen voor interventies waarmee tijdig en effectief kan worden ingegrepen. In de loop van het nieuwe jaar worden de plannen gepresenteerd om conflictueuze scheidingen en ouderverstoting aan te pakken.
Een mooie afsluiting van dit laatste blog voor dit jaar en hoopvolle ontwikkelingen om het nieuwe jaar in te gaan!
In het voorjaar van 2020 komt mijn boek uit over ouderverstoting. Aan de hand van inzichten van experts en ervaringsverhalen van verstoten ouders laat ik zien hoe het komt dat deze problematiek vaak niet wordt herkend en de signalen verkeerd worden geïnterpreteerd. Het boek geeft antwoord op vragen als: Waar ligt de oorzaak van deze vorm van emotionele kindermishandeling en ex-partnergeweld? Hoe komt het dat dit fenomeen zich vooral tijdens of na een scheiding openbaart? Hoe kan dit giftige patroon doorbroken worden en waarom is gespecialiseerde begeleiding vereist?
Meer info: https://moniquemeulemans.nl/
‘Officieren van justitie in de fout’
Het Openbaar Ministerie heeft een belangrijke taak in de maatschappij: het brengt verdachten van strafbare feiten voor de rechter. Maar als het Openbaar Ministerie zélf fouten maakt, kan dat grote gevolgen hebben, want mensen kunnen onschuldig vast komen te zitten. Kan het Openbaar Ministerie ongestraft de regels overtreden? Ingewijden maken zich zorgen en zien een lacune in het toezicht.
De officier van justitie loog bewust tegen de rechtbank om Frans veroordeeld te krijgen. Ze stond pal achter de ex van Frans die – nadat ze uit elkaar waren – aangifte tegen hem deed om de kinderen te krijgen. De officier had geen enkel bewijs voor de beschuldigingen, maar geloofde de ex op basis van haar onderbuikgevoel. André De Zutter deed samen met hoogleraar rechtspsychologie Peter van Koppen en Robert Horselenberg onderzoek naar de aangiften van de ex en toonde aan dat die ontegenzeggelijk vals waren.
Het Openbaar Ministerie houdt tot de dag van vandaag vol dat de officier prima werk heeft geleverd. Zelfs minister Opstelten hield deze liegende officier de hand boven het hoofd tijdens een debat in de Tweede Kamer in 2013 over de zaak van Frans.
Na een scheiding komt het regelmatig voor dat de ene ex-partner de andere vals beschuldigt van huiselijk geweld of seksueel misbruik. In veel gevallen maken de beschuldigingen deel uit van een haatcampagne tegen de andere ouder. Die wordt neergezet als onveilig en gevaarlijk, wat als reden wordt opgevoerd om de omgang met de kinderen onmiddellijk te stoppen. Of de beschuldiging echt is of niet en of er misschien sprake is van ouderverstoting kan alleen gedegen onderzoek uitwijzen dat gericht is op waarheidsvinding. Juist daar laten jeugdbeschermers, politie en Openbaar Ministerie vaak grote steken vallen waardoor de ouder in kwestie zijn of haar kinderen – ten onrechte – niet meer te zien krijgt.
De ex-partner van Frans beschuldigde hem van mishandeling en verkrachting gedurende hun relatie van ruim twintig jaar. Dat deed ze pas nadat Frans de relatie had beëindigd omdat zij vreemdging. De kinderen woonden bij hem en zagen hun moeder bijna dagelijks, maar dat was kennelijk niet naar haar zin. De ex doet meerdere aangiftes bij de politie waar ze vertelt dat ze jarenlang door Frans werd vernederd, geschopt, geslagen en misbruikt. Uit vrees voor haar leven zou ze uiteindelijk zijn gevlucht. De kinderen moest ze noodgedwongen achtergelaten bij hun gewelddadige vader.
De zedenrechercheurs twijfelen geen moment over het waarheidsgehalte van de schrijnende verhalen van de ex. Ze zijn zo overtuigd van hun eigen kennis en ervaring dat ze, zonder verder onderzoek te doen, zeker weten dat de aangiftes echt zijn. Frans wordt gearresteerd en de kinderen worden door de politie aan hun moeder overgedragen. Vanaf die dag wonen ze bij haar en Frans krijgt ze niet meer te zien.
Dat heilige geloof in het vermogen om de waarheid te zien zonder bewijsmateriaal of zelfs tegen het aanwezige bewijs in, blijkt typisch iets voor waarheidsvinders. Ton Derksen, auteur van Het O.M. in de fout, noemt deze speciale antenne het Magische Oog. Politiemensen, OM-ers en rechters hebben volgens Derksen de neiging om te denken dat ze aan het gedrag van een verdachte, getuige of (valse) aangeefster kunnen zien of die wel of niet de waarheid spreekt. Ze hoeven daar niet naar op zoek te gaan, ze zijn waarheidsziener.
Officier van justitie Josien van Aken bij wie het dossier van Frans terecht komt nadat het ruim twee jaar ergens op het Openbaar Ministerie in een diepe lade lag, heeft ook zo’n Magisch Oog waarmee ze kan zien wie de waarheid spreekt. In plaats van met een frisse en objectieve blik het strafdossier te bestuderen, voert de officier verschillende gesprekjes met de ex en ziet vervolgens precies hoe het zit; Fabiana spreekt de waarheid en Frans is schuldig. Dat er in het strafdossier geen enkel bewijs te vinden is voor de doorzichtige leugens en de tegenstrijdige verhalen van de ex, maakt blijkbaar niet meer uit. Mogelijk heeft de officier het strafdossier zelfs nooit gelezen. Tijdens de vele ontmoetingen met de ex vertrouwt ze gewoon blindelings op haar vermeende zienersoog. Dat heeft haar nog nooit in de steek gelaten…
Vanaf dat moment behartigt de officier fanatiek de belangen van ‘haar’ slachtoffer. Ze spant samen met de ex van Frans en helpt om het contact tussen hem en de kinderen zo zwaar te frustreren dat hij geen deel meer kan uitmaken van hun leven. Daarvoor heeft de officier geen enkel argument. Ze baseert zich slechts op haar Magische Oog en handelt vanuit geloof, onderbuikgevoel, indruk, interpretaties, beleving en haar eigen fantasie. Later zal de officier zeggen dat ze er bewust voor koos om tijdens de zitting bij de meervoudige kamer een sfeerplaatje neer te zetten.
Volgens de officier leefde Fabiana jarenlang in een ‘ware hel’ en was ze ‘gegijzeld in een nachtmerrie’. Frans wordt afgeschilderd als een monster dat het gezin terroriseerde. De officier verwijt hem dat hij zijn kinderen inzet in de strijd. Volgens haar verdient hij het niet om zelfs maar in hun buurt te komen. Ten eerste was er helemaal geen strijd en ten tweede had Frans op dat moment zijn kinderen al drie jaar niet gezien omdat zijn ex dat tegenhield. Met geen woord rept officier Josien van Aken over het vreemdgaan van de ex, haar spijt en de innige wens om het goed te maken met Frans.
Ondanks de even verwoede als verwerpelijke pogingen van de officier om Frans veroordeeld te krijgen en hem een langdurig contactverbod met zijn kinderen te laten opleggen, gaat de rechtbank daar niet in mee. Frans wordt vrijgesproken. De officier gaat niet in hoger beroep. ‘De zaak zou alleen maar verder gaan knellen,’ geeft ze later toe. Kennelijk was de officier toch minder overtuigd van zichzelf en haar Magische Oog, dan dat ze tijdens de zitting deed voorkomen.
Toch zijn de gevolgen inmiddels dramatisch, want de ex kreeg door de opeenstapeling van fouten bij politie en OM ruimschoots de tijd om de kinderen tegen Frans op te zetten. Door nalatigheid van het OM en een officier die zich liet misleiden door de manipulatieve praatjes van een wraakzuchtige en (psychisch) instabiele ex, is twee jonge kinderen hun vader afgenomen. Juist in de periode waarin hun identiteit wordt gevormd en ze beide ouders hard nodig hebben, moesten zij onnodig vaderloos opgroeien.
De ernstige gevolgen daarvan zijn al jaren zichtbaar. Dat Frans van het ene op het andere moment uit het leven van zijn kinderen verdween, was voor hen ronduit traumatisch. Sindsdien worstelen zij met allerlei problemen op sociaal, emotioneel en relationeel vlak.
Ouderverstoting kan nooit volledig tot ontwikkeling komen zonder de ‘hulp en steun’ van zogenaamde bontgenoten of medestanders. De verstoter heeft een neus voor professionals die onwetend zijn van ouderverstoting en zich daardoor vrij eenvoudig voor hun karretje laten spannen. Nagelaten wordt om gedegen onderzoek te doen en te kijken wat er werkelijk speelt. Zonder het te beseffen werken deze professionals mee aan kindermishandeling. Officier van justitie Josien van Aken in dit blog is daar een goed voorbeeld van.
In mijn boek over ouderverstoting dat begin volgend jaar uitkomt ga ik uitgebreid in op valse beschuldigingen en de rol van medestanders in het vervreemdingsproces. Kijk hier voor meer informatie.
Verstoten ouders komen al jaren van koude kermis thuis
Het is een organisatorische en financiële puinhoop bij Juzt, schrijft de Volkskrant. Maar er zijn al langer problemen. De afgelopen jaren kwam de jeugdzorgaanbieder geregeld negatief in het nieuws, directiewisselingen waren aan de orde van de dag en de kwaliteit van de geleverde zorg en hulp is niet op orde. Gescheiden vaders en moeders die door de rechter naar Juzt worden doorverwezen voor contactherstel met hun kind, komen van een koude kermis thuis. Juzt pretendeert gespecialiseerde hulp te bieden aan ouders en kinderen in complexe scheidingssituaties. In de praktijk wordt die belofte niet waargemaakt, maar daarvan kijken de bestuurders al jaren weg.
‘Ik herken me niet in het beeld dat onze organisatie niet op orde was,’ zegt Esther Overweter recent tegen de Volkskrant. Overweter staat sinds eind 2018 alleen aan het hoofd van Juzt, vanaf december 2017 is ze lid van de raad van bestuur. Het lijkt erop dat Overweter de organisatie nog niet zo goed kent. Over de verlieslatende afdeling van zorg met verblijf zegt ze: ‘Het gaat om kinderen met trauma’s en gedragsproblemen. Om kinderen die niet thuis kunnen wonen, na een vechtscheiding bijvoorbeeld, omdat het daar niet veilig is.’
Overweter zit er behoorlijk naast. Kinderen die als gevolg van een ‘vechtscheiding’ uit huis worden geplaatst zijn een uitzondering. Het voorbeeld is uiterst ongelukkig gekozen. Net als het woord ‘vechtscheiding’, een containerbegrip dat het misleidende beeld oproept van twee hevig strijdende ouders. In de meeste gevallen voert één ouder een geraffineerde strijd om de ex-partner uit het leven van de kinderen te werken. Een fenomeen dat we kennen als ouderverstoting en wat veel voorkomt in complexe scheidingssituaties.
In die complexe scheidingen is Juzt – volgens de eigen website – gespecialiseerd. De medewerkers zouden gedegen kennis hebben van (kind)veiligheidsrisico’s, traumaproblematiek, systemisch werken en hechtingsproblemen. Er staat ook dat Juzt wil bijdragen om de schade bij kinderen als gevolg van (echt)scheiding te beperken. Een prachtig streven, maar in de praktijk komt er niets van terecht. Ouders die als gevolg van ouderverstoting hun kinderen niet zien en alle hoop hebben gevestigd op de ‘professionals’ bij Juzt, raken alleen maar verder van hun kinderen verwijderd. De medewerkers zijn bevooroordeeld, niet capabel en expertise op het gebied van ouderverstotingsproblematiek ontbreekt. Als je ze daarmee confronteert weigert Juzt in de spiegel te kijken. Laat staan dat ze iets willen leren.
De tuchtrechter oordeelde in 2016 dat de jeugdpsycholoog van Juzt in het traject begeleide omgang tussen mijn man Frans en zijn twee kinderen ernstig tekort geschoten was. Ze had deze zware zaak beter niet kunnen aannemen vond de tuchtrechter, onder andere omdat ze de benodigde kennis en ervaring mistte. De jeugdpsycholoog kreeg een berisping opgelegd.
Wij waren benieuwd wat Juzt nu geleerd had van het vernietigende oordeel van de tuchtrechter. En welke maatregelen er intern waren genomen om het in de toekomst voor andere verstoten ouders en hun kinderen beter te doen. Tenslotte was er nogal wat misgegaan. De jeugdpsycholoog had pas tijdens de tuchtprocedure toegegeven dat zij nooit eerder een dergelijke opdracht voor de rechtbank had gedaan. We vroegen ons ook af of Juzt de kinderen van Frans en hun moeder geïnformeerd had dat er – achteraf bezien – in het traject ernstige fouten waren gemaakt en de kinderen daardoor niet de hulp hadden gekregen die ze nodig hadden.
Juzt is diep beledigd! Hoe durven wij – onnozele ouders – én het tuchtcollege de deskundigheid van de jeugdpsycholoog in twijfel te trekken? Dat was de strekking van het gesprek dat wij hadden met de (interim) bestuurder van Juzt, de jeugdpsycholoog en… hun advocaat. De berisping wordt glashard ontkend en dat wordt het hele gesprek volgehouden. Met veel juridisch gewauwel wordt overal omheen gepraat. Gewoon stug blijven ontkennen en maar hopen dat het overwaait. Dat zagen we al eerder bij (overheids)instanties die met hun eigen falen worden geconfronteerd.
Over de essentie van onze klachten, dat de jeugdpsycholoog geen oog had voor de ouderverstotingsproblematiek, wel vaststelde dat de kinderen ‘iets van’ hulp nodig hadden, maar vervolgens niets deed, wil Juzt niet praten. Als wij ze confronteren met de gevolgen van hun fouten reageren ze verontwaardigd. ‘Niet hun verantwoordelijkheid.’ Het traject bij Juzt was de laatste mogelijkheid om in ieder geval een eerste stap te zetten bij het contactherstel tussen Frans en zijn kinderen. Dat was genoegzaam bekend en uitgebreid doorgesproken voordat het traject startte. Tegen het advies van de Raad voor de Kinderbescherming en de opdracht van de rechtbank vond de jeugdpsycholoog contactherstel niet nodig. ‘Het zou niets opleveren,’ was haar niet onderbouwde mening.
“The therapist’s primary role is to create opportunities for the child to spend time with the targeted parent in order to experience firsthand that he or she is not a dangerous person as the child has been led to believe.” Uit ‘Adult Children of Parental Alienation Syndrome – Breaking the Ties that Bind’
We Juzt don’t care about our customers
Het is ontluisterend om te zien hoe een van de grotere jeugdzorgaanbieders in ons land omgaat met klachten en zich gedraagt als een verongelijkt kind als ze – nota bene door het tuchtcollege – op hun vingers getikt worden. Vooral druk met zichzelf en het eigen gelijk, zich verschuilend achter regeltjes en procedures en totaal geen oog voor de verstrekkende gevolgen van hun ondeskundige handelen. Zouden ze eigenlijk wel doorhebben dat wij een klant zijn en een (gepeperde) rekening hebben betaald voor ‘work not done’? De specialistische hulp en kwalitatieve zorg van zeer hoog niveau die wordt beloofd, hebben Frans en zijn kinderen zeker niet gekregen. En ik vrees dat dit voor veel meer ouders en kinderen geldt die in dezelfde situatie zitten.
Het arrogante gedrag van (de bestuurder van) Juzt is een duidelijk brevet van onvermogen. Het bevestigt slechts het oordeel van het tuchtcollege dat Juzt niet over de kwaliteiten en specifieke deskundigheid beschikt die nodig is om opdrachten van de rechtbank in zaken waar (mogelijk) ouderverstoting speelt tot een goed einde te brengen.
Als vervreemde kinderen niet met de verstoten ouder worden herenigd wordt de problematiek ‘doorgegeven’ aan de volgende generatie. De kans is groot dat deze kinderen als volwassene opnieuw te maken krijgen met ouderverstoting. Maar dat zal Juzt allemaal een zorg zijn.