En waarom dat meestal niet gebeurt.

Een scène: Volgens de vrouw heeft haar ex-man nooit een band opgebouwd met hun dochter. Hij was altijd weg en vond zijn vrienden belangrijker dan zijn kind. Het meisje (10), dat sinds de scheiding bij haar moeder woont, zegt dat ze haar vader niet wil zien. Dat heeft ze ook in een brief aan de rechter geschreven.
Eveneens beweert de vrouw dat haar ex-man zijn dochter meerdere keren heeft laten zitten terwijl ze bij hem zou zijn. Daarnaast zou hij zijn dochter lastigvallen met berichtjes via WhatsApp en e-mail. De man verklaart het tegenovergestelde: zijn ex-vrouw zou er juist alles aan doen om hun dochter bij hem weg te houden en vertelt haar negatieve en onware verhalen over haar vader. Ondanks dat er geen reden is waarom de man zijn dochter niet zou kunnen zien, beslist de rechter dat de omgangsregeling voorlopig wordt stopgezet.
Nog een scène: Marcel ziet zijn drie zoons al jaren niet. Zijn ex-vrouw slaagde erin om hem op basis van het ‘klemcriterium’ uit de ouderlijke macht te laten zetten. ‘Daarmee werd de deur wagenwijd open gezet om mij volledig van mijn kinderen te vervreemden,’ zegt Marcel. Het Hof – die de uitspraak bekrachtigde – liet hem expliciet weten dat ze dit niet deden omdat hij een slechte vader zou zijn. ‘Dat bent u pertinent niet,’ benadrukte een van de raadsheren. Waarom die beslissing dan toch werd genomen en zijn ex-vrouw vrij spel kreeg, blijft Marcel een raadsel.
Tijdelijk geen omgang is meestal definitief
De ouder die na een scheiding zijn of haar kinderen niet meer ziet omdat de ex-partner de afspraken niet nakomt, wordt – net als in de voorbeelden hierboven – door de rechter nogal eens gedwongen ‘een stapje terug te doen’. Ondanks dat de wetenschappelijke onderbouwing daarvoor ontbreekt, zijn professionals kennelijk in de veronderstelling dat deze ‘rust’ de betrokkenen goed zal doen.
Het tegendeel is waar. De praktijk laat zien dat het zogenaamd tijdelijk stopzetten van de omgang in situaties waar – vermoedelijk – sprake is van ouderverstoting, meestal definitief is. De beïnvloeding van het kind om de andere ouder af te wijzen gaat in de beslotenheid van het gezin van de controlerende ouder gewoon door.
De goede en de slechte ouder
Het vertekende beeld dat de andere ouder slecht is en niet van het kind houdt, krijgt daardoor de gelegenheid zich nog steviger te verankeren in het brein van het kind. De verkapte boodschap is dat deze ouder niet langer een belangrijke gezagsfiguur is of iemand met wie het kind een speciale band heeft. De emotionele afstand tot de ‘slechte’ ouder wordt groter en groter.
De controlerende ouder daarentegen weet zichzelf te presenteren als de meest liefdevolle, beschermende en betrokken ouder die een kind zich maar kan wensen. Het kind raakt ervan overtuigd dat het zonder deze ouder reddeloos verloren is en zal alles doen om het de ‘favoriete’ ouder naar de zin te maken. Het stelt de (emotionele) belangen van deze ouder voorop, waardoor het kind zelf onvoldoende toekomt aan de eigen ontwikkeling.
Dit zwart-witdenken of psychologische splitsing (in een al goede en een al slechte ouder) is een overlevingsstrategie van kinderen die te maken hebben met ouderverstotingsproblematiek. Het kind is zich daar niet van bewust en denkt dat het helemaal zelf tot de conclusie is gekomen dat zijn ene ouder perfect is en de andere niet. Het afwijzen van die ‘slechte’ ouder is in de ogen van het kind dan ook volstrekt gerechtvaardigd. Dat verklaart meteen het totale gebrek aan schuldgevoel wanneer vervreemde kinderen zich minachtend uitlaten over die ouder en niets positiefs over hem of haar kunnen vertellen.
Manipulatie tast kritisch denkvermogen aan
Verstoten ouders krijgen nogal eens te horen dat de kinderen vanzelf wel komen als ze oud genoeg zijn om te begrijpen wat er is gebeurd. Dat wordt gezegd in de veronderstelling dat kinderen naarmate ze ouder worden leren zelfstandig te denken en eigen keuzes te maken. Maar dat gaat niet op voor vervreemde kinderen. Hun vermogen om kritisch te denken is als gevolg van de manipulaties en emotionele mishandeling door de controlerende ouder, zo goed als uitgeschakeld.
Blijvende schade
Wanneer de verstoten ouder de omgang volledig wordt ontzegd en soms ook het gezag is ontnomen, bevestigen professionals de psychologische splitsing bij het kind. Het is verleidelijk om te denken dat het kind nu bevrijd is uit de schadelijke ‘strijd’ tussen de ex-partners en te hopen dat het later wel weer goed komt. Maar dat gebeurt meestal niet. Wat wel gebeurt is dat deze kinderen veroordeeld zijn om op te groeien in een giftige en destructieve omgeving. Zij zullen daar op korte en langere termijn ernstige (psychische) schade van ondervinden en deze problematiek als volwassene onbedoeld doorgeven aan de volgende generatie.
Verder lezen over ouderverstoting?

In mijn boek EMOTIONEEL GEVANGEN ga ik in op de oorzaak van ouderverstoting en waarom de signalen vaak niet worden herkend of verkeerd geïnterpreteerd. Het boek komt uit in oktober. Klik hier als je op de hoogte wilt blijven van de voortgang.